Welke combinatie blijft mogelijk?
Voorbeeldles · Logica · 35 min · 8 dia's
Aanwijzingen combineren en een keuze stap voor stap uitsluiten.
De dia's van deze les
1. Lesdoel en succescriteria: Welke combinatie blijft mogelijk?
Aanwijzingen combineren en een keuze stap voor stap uitsluiten.
- Ik kan aanwijzingen combineren en een keuze stap voor stap uitsluiten.
- Ik kan mijn antwoord met gegevens en een navolgbare redenering onderbouwen.
- Ik kan een fout of aanname herkennen en mijn uitleg herzien.
Voor de docent: Zelfgeschreven Nederlandstalig oefenmateriaal. Richtniveau en 35 minuten zijn didactische inschattingen, geen gevalideerde leerresultaten of curriculumcertificering. Bekijk inhoud en antwoordmodel voor je klas. De casussen en oefenmetingen zijn fictief of expliciete modellen.
2. Uitleg: Onderzoekkaart
Fictieve puzzel: Ada, Bo en Cem hebben elk één andere tas: rood, blauw of groen. Ada heeft niet rood en niet groen. Bo heeft niet groen. Iedere kleur wordt precies eenmaal gebruikt.
Voor de docent: Lees samen de casus. Laat leerlingen scheiden wat gegeven is en wat zij zelf aannemen. De onderzoekkaart wordt ook bij de opdrachten herhaald zodat leerlingen de gegevens kunnen teruglezen.
3. Meerkeuzevraag: Kies en controleer
Wie heeft de groene tas? Gegevens bij deze opdracht Fictieve puzzel: Ada, Bo en Cem hebben elk één andere tas: rood, blauw of groen. Ada heeft niet rood en niet groen. Bo heeft niet groen. Iedere kleur wordt precies eenmaal gebruikt.
- Ada
- Bo
- Dat is niet te bepalen
- Cem
Voor de docent: Ada moet blauw hebben. Bo kan dan alleen rood hebben, want groen is uitgesloten. Voor Cem blijft groen over. Beoordeel formatief: klopt de inhoud binnen de gegeven casus, worden relevante gegevens gebruikt en is de redenering navolgbaar? Geef feedback op één volgende denkstap. Beloon geen snelheid. Bij meerdere verdedigbare antwoorden telt de onderbouwing; beoordeel geen persoonlijke mening. Vragen om door te vragen: welk gegeven steunt je antwoord? Wat zou je conclusie veranderen?
4. Open vraag: Waarom past jouw keuze?
Onderbouw je keuze met minstens één gegeven. Leg ook uit waarom één andere keuze niet past. Gegevens bij deze opdracht Fictieve puzzel: Ada, Bo en Cem hebben elk één andere tas: rood, blauw of groen. Ada heeft niet rood en niet groen. Bo heeft niet groen. Iedere kleur wordt precies eenmaal gebruikt.
Voor de docent: Ada moet blauw hebben. Bo kan dan alleen rood hebben, want groen is uitgesloten. Voor Cem blijft groen over. Beoordeel formatief: klopt de inhoud binnen de gegeven casus, worden relevante gegevens gebruikt en is de redenering navolgbaar? Geef feedback op één volgende denkstap. Beloon geen snelheid. Bij meerdere verdedigbare antwoorden telt de onderbouwing; beoordeel geen persoonlijke mening. Vragen om door te vragen: welk gegeven steunt je antwoord? Wat zou je conclusie veranderen?
5. Open vraag: Pas toe en onderbouw
Maak de volledige verdeling en schrijf bij iedere stap welke aanwijzing je gebruikt. Gegevens bij deze opdracht Fictieve puzzel: Ada, Bo en Cem hebben elk één andere tas: rood, blauw of groen. Ada heeft niet rood en niet groen. Bo heeft niet groen. Iedere kleur wordt precies eenmaal gebruikt.
Voor de docent: Ada: blauw, omdat rood en groen uitgesloten zijn. Bo: rood, omdat blauw al gebruikt is en groen uitgesloten is. Cem: groen. Een antwoord zonder deze tussenstappen laat het uitsluitingsproces nog niet zien. Beoordeel formatief: klopt de inhoud binnen de gegeven casus, worden relevante gegevens gebruikt en is de redenering navolgbaar? Geef feedback op één volgende denkstap. Beloon geen snelheid. Bij meerdere verdedigbare antwoorden telt de onderbouwing; beoordeel geen persoonlijke mening. Vragen om door te vragen: welk gegeven steunt je antwoord? Wat zou je conclusie veranderen?
6. Spot de denkfout: Onderzoek een fictieve AI-redenering
Een fictieve AI zegt: “Bo heeft niet groen, dus Bo heeft blauw.” Wat ontbreekt? Gegevens bij deze opdracht Fictieve puzzel: Ada, Bo en Cem hebben elk één andere tas: rood, blauw of groen. Ada heeft niet rood en niet groen. Bo heeft niet groen. Iedere kleur wordt precies eenmaal gebruikt.
- Alleen controleren of Bo groen kan hebben
- De aanname dat blauw de enige overgebleven kleur is controleren
- De aanname dat kleuren dubbel mogen voorkomen toevoegen
- Zonder controle alle aanwijzingen omkeren
Voor de docent: De denkfout: Niet groen laat eerst twee mogelijkheden over: rood of blauw. Bovendien is blauw door Ada bezet. De AI behandelt één uitsluiting ten onrechte als een volledige keuze. Niet groen laat eerst twee mogelijkheden over: rood of blauw. Bovendien is blauw door Ada bezet. De AI behandelt één uitsluiting ten onrechte als een volledige keuze. Beoordeel formatief: klopt de inhoud binnen de gegeven casus, worden relevante gegevens gebruikt en is de redenering navolgbaar? Geef feedback op één volgende denkstap. Beloon geen snelheid. Bij meerdere verdedigbare antwoorden telt de onderbouwing; beoordeel geen persoonlijke mening. Vragen om door te vragen: welk gegeven steunt je antwoord? Wat zou je conclusie veranderen?
7. Open vraag: Denk verder: verander de situatie
Schrap de aanwijzing “Bo heeft niet groen”. Welke twee verdelingen blijven nu mogelijk? Gegevens bij deze opdracht Fictieve puzzel: Ada, Bo en Cem hebben elk één andere tas: rood, blauw of groen. Ada heeft niet rood en niet groen. Bo heeft niet groen. Iedere kleur wordt precies eenmaal gebruikt.
Voor de docent: Ada blijft blauw. Bo en Cem kunnen rood/groen of groen/rood krijgen. Toon beide verdelingen en leg uit dat beide aan de overgebleven aanwijzingen voldoen. Beoordeel formatief: klopt de inhoud binnen de gegeven casus, worden relevante gegevens gebruikt en is de redenering navolgbaar? Geef feedback op één volgende denkstap. Beloon geen snelheid. Bij meerdere verdedigbare antwoorden telt de onderbouwing; beoordeel geen persoonlijke mening. Vragen om door te vragen: welk gegeven steunt je antwoord? Wat zou je conclusie veranderen?
8. Open vraag: Terugblik: wat heb je herzien?
Schrijf één inzicht op en onderbouw het met een voorbeeld uit de les. Welke aanname of fout kun je nu beter herkennen? Welke vraag heb je nog?
Voor de docent: Zoek naar een vakspecifiek inzicht, een passend voorbeeld en een benoemde volgende vraag. Gebruik dit als exit ticket; zelfvertrouwen is geen vervanging voor inhoudelijk bewijs. Verder verdiepen voor de docent: https://www.slo.nl/
Gebruik deze les gratis in denkprikkel — leerlingen doen mee met een lescode, zonder account.