Alle lessen

Wat gebeurt er als één schakel verandert?

Voorbeeldles · Biologie · 35 min · 8 dia's

Een verandering in een eenvoudig voedselweb voorspellen met een voorwaarde erbij.

De dia's van deze les

  1. 1. Lesdoel en succescriteria: Wat gebeurt er als één schakel verandert?

    Een verandering in een eenvoudig voedselweb voorspellen met een voorwaarde erbij.

    • Ik kan een verandering in een eenvoudig voedselweb voorspellen met een voorwaarde erbij.
    • Ik kan mijn antwoord met gegevens en een navolgbare redenering onderbouwen.
    • Ik kan een fout of aanname herkennen en mijn uitleg herzien.

    Voor de docent: Zelfgeschreven Nederlandstalig oefenmateriaal. Richtniveau en 35 minuten zijn didactische inschattingen, geen gevalideerde leerresultaten of curriculumcertificering. Bekijk inhoud en antwoordmodel voor je klas. De casussen en oefenmetingen zijn fictief of expliciete modellen.

  2. 2. Uitleg: Onderzoekkaart

    Vereenvoudigd model van een schooltuin: rupsen eten bladeren en koolmezen eten rupsen. Pijlen voor voedsel gaan van bladeren naar rupsen naar koolmezen. In het model zijn dit de enige voedselbronnen. In een echte tuin zijn er meer soorten en verbindingen.

    Voor de docent: Lees samen de casus. Laat leerlingen scheiden wat gegeven is en wat zij zelf aannemen. De onderzoekkaart wordt ook bij de opdrachten herhaald zodat leerlingen de gegevens kunnen teruglezen.

  3. 3. Meerkeuzevraag: Kies en controleer

    Wat is in dit model een logisch eerste gevolg van veel minder rupsen? Gegevens bij deze opdracht Vereenvoudigd model van een schooltuin: rupsen eten bladeren en koolmezen eten rupsen. Pijlen voor voedsel gaan van bladeren naar rupsen naar koolmezen. In het model zijn dit de enige voedselbronnen. In een echte tuin zijn er meer soorten en verbindingen.

    • Meer voedsel voor koolmezen
    • Minder bladeren doordat minder rupsen eten
    • Minder voedsel voor koolmezen
    • Alle koolmezen sterven noodzakelijk onmiddellijk

    Voor de docent: Binnen de gegeven voedselrelaties betekent minder rupsen minder voedsel voor koolmezen. De precieze verandering in aantallen is hiermee niet berekend. Beoordeel formatief: klopt de inhoud binnen de gegeven casus, worden relevante gegevens gebruikt en is de redenering navolgbaar? Geef feedback op één volgende denkstap. Beloon geen snelheid. Bij meerdere verdedigbare antwoorden telt de onderbouwing; beoordeel geen persoonlijke mening. Vragen om door te vragen: welk gegeven steunt je antwoord? Wat zou je conclusie veranderen?

  4. 4. Open vraag: Waarom past jouw keuze?

    Onderbouw je keuze met minstens één gegeven. Leg ook uit waarom één andere keuze niet past. Gegevens bij deze opdracht Vereenvoudigd model van een schooltuin: rupsen eten bladeren en koolmezen eten rupsen. Pijlen voor voedsel gaan van bladeren naar rupsen naar koolmezen. In het model zijn dit de enige voedselbronnen. In een echte tuin zijn er meer soorten en verbindingen.

    Voor de docent: Binnen de gegeven voedselrelaties betekent minder rupsen minder voedsel voor koolmezen. De precieze verandering in aantallen is hiermee niet berekend. Beoordeel formatief: klopt de inhoud binnen de gegeven casus, worden relevante gegevens gebruikt en is de redenering navolgbaar? Geef feedback op één volgende denkstap. Beloon geen snelheid. Bij meerdere verdedigbare antwoorden telt de onderbouwing; beoordeel geen persoonlijke mening. Vragen om door te vragen: welk gegeven steunt je antwoord? Wat zou je conclusie veranderen?

  5. 5. Open vraag: Pas toe en onderbouw

    Voorspel een mogelijk gevolg voor bladeren en leg de hele keten uit. Gegevens bij deze opdracht Vereenvoudigd model van een schooltuin: rupsen eten bladeren en koolmezen eten rupsen. Pijlen voor voedsel gaan van bladeren naar rupsen naar koolmezen. In het model zijn dit de enige voedselbronnen. In een echte tuin zijn er meer soorten en verbindingen.

    Voor de docent: Minder rupsen kan minder vraat en dus meer overgebleven bladeren geven, als andere factoren gelijk blijven. Gebruik “kan” en benoem de modelaanname; bladgroei hangt ook van andere omstandigheden af. Beoordeel formatief: klopt de inhoud binnen de gegeven casus, worden relevante gegevens gebruikt en is de redenering navolgbaar? Geef feedback op één volgende denkstap. Beloon geen snelheid. Bij meerdere verdedigbare antwoorden telt de onderbouwing; beoordeel geen persoonlijke mening. Vragen om door te vragen: welk gegeven steunt je antwoord? Wat zou je conclusie veranderen?

  6. 6. Spot de denkfout: Onderzoek een fictieve AI-redenering

    Een fictieve AI zegt: “Alleen koolmezen eten rupsen, dus dit model bewijst alles over elke echte tuin.” Wat ontbreekt? Gegevens bij deze opdracht Vereenvoudigd model van een schooltuin: rupsen eten bladeren en koolmezen eten rupsen. Pijlen voor voedsel gaan van bladeren naar rupsen naar koolmezen. In het model zijn dit de enige voedselbronnen. In een echte tuin zijn er meer soorten en verbindingen.

    • Besef dat een model belangrijke verbindingen kan weglaten
    • De aanname dat elk extra verband al in drie pijlen zit
    • Het idee dat elk voedselweb precies drie soorten heeft
    • De conclusie dat exacte aantallen al uit de pijlen volgen

    Voor de docent: De denkfout: Een vereenvoudigd model helpt gericht redeneren, maar echte tuinen hebben meer voedselbronnen, soorten en invloeden. De conclusie geldt eerst binnen de modelgrenzen. Een vereenvoudigd model helpt gericht redeneren, maar echte tuinen hebben meer voedselbronnen, soorten en invloeden. De conclusie geldt eerst binnen de modelgrenzen. Beoordeel formatief: klopt de inhoud binnen de gegeven casus, worden relevante gegevens gebruikt en is de redenering navolgbaar? Geef feedback op één volgende denkstap. Beloon geen snelheid. Bij meerdere verdedigbare antwoorden telt de onderbouwing; beoordeel geen persoonlijke mening. Vragen om door te vragen: welk gegeven steunt je antwoord? Wat zou je conclusie veranderen?

  7. 7. Open vraag: Denk verder: verander de situatie

    Voeg een tweede voedselbron voor koolmezen toe. Hoe verandert je voorspelling bij minder rupsen? Gegevens bij deze opdracht Vereenvoudigd model van een schooltuin: rupsen eten bladeren en koolmezen eten rupsen. Pijlen voor voedsel gaan van bladeren naar rupsen naar koolmezen. In het model zijn dit de enige voedselbronnen. In een echte tuin zijn er meer soorten en verbindingen.

    Voor de docent: Voeg bijvoorbeeld een andere insectensoort toe als voedsel. Koolmezen kunnen mogelijk overstappen, afhankelijk van beschikbaarheid en behoefte. Teken de extra pijl en maak de voorspelling voorwaardelijk. Beoordeel formatief: klopt de inhoud binnen de gegeven casus, worden relevante gegevens gebruikt en is de redenering navolgbaar? Geef feedback op één volgende denkstap. Beloon geen snelheid. Bij meerdere verdedigbare antwoorden telt de onderbouwing; beoordeel geen persoonlijke mening. Vragen om door te vragen: welk gegeven steunt je antwoord? Wat zou je conclusie veranderen?

  8. 8. Open vraag: Terugblik: wat heb je herzien?

    Schrijf één inzicht op en onderbouw het met een voorbeeld uit de les. Welke aanname of fout kun je nu beter herkennen? Welke vraag heb je nog?

    Voor de docent: Zoek naar een vakspecifiek inzicht, een passend voorbeeld en een benoemde volgende vraag. Gebruik dit als exit ticket; zelfvertrouwen is geen vervanging voor inhoudelijk bewijs. Verder verdiepen voor de docent: https://www.naturalis.nl/

Gebruik deze les gratis in denkprikkel — leerlingen doen mee met een lescode, zonder account.