Het staat op internet, dus het klopt
Startopdracht · Po, Burgerschap, Mediawijsheid · 7 min · 3 dia's
Kindertaal: bronkritiek — niet alles wat je leest is waar.
De dia's van deze les
1. Spot de denkfout: Staaltje uit de krant?
Op internet staat: 'Een monster van 10 meter woont in de plas achter school!' Je klasgenoot zegt: 'Het staat op internet, dus het is waar.' Wat is het denkfoutje?
- Je klasgenoot heeft gelijk: op internet staat alleen maar ware informatie
- Op internet kan iedereen iets schrijven — dus je moet altijd eerst even checken wie het schreef en of anderen het ook zeggen
- Op internet staat alleen maar nep
- Je moet het geloven als er een foto bijstaat
Voor de docent: De denkfout: Een website is geen bewijs. Ook een plaatje is geen bewijs (die kan worden bewerkt). Eerst checken: wie schreef dit, en zeggen anderen het ook? Vraag door: 'Hoe kun jij thuis checken of iets wel echt waar is?' en 'Heb jij weleens iets geloofd dat later niet klopte?'
2. Open vraag: De checklist
Bedenk samen twee vragen die je altijd aan een bericht op internet kunt stellen. Schrijf ze op.
Voor de docent: Vraag door: 'Sterke vragen zijn: wie zegt dit? en waar staat dát weer?' en 'Welke vraag past bij een filmpje en welke bij een berichtje?'
3. Schaalvraag: Echt of nep?
Hoe goed ben jij in het zien van het verschil tussen echt en nep op internet?
Voor de docent: Vraag door: 'Wat zou jou helpen om nog beter te worden?' en 'Wanneer twijfel je het vaakst?'
Gebruik deze les gratis in denkprikkel — leerlingen doen mee met een lescode, zonder account.