Alle lessen

Expliciete Directe Instructie: lesopzet

Onderwijsconcept · Alle vakken · 40–50 min · 8 dia's

Een goed onderzochte instructievorm (Hollingsworth en Ybarra, in lijn met de principes van Rosenshine): eerst modelleer jij het denken hardop, dan oefenen jullie samen met jou, daarna in tweetallen en ten slotte alleen — met steeds een check op begrip. Bij nieuwe, moeilijke stof waar leerlingen een helder voorbeeld nodig hebben.

De dia's van deze les

  1. 1. Lesdoel en succescriteria: Lesdoel en aanpak

    Vandaag leer je het leeronderwerp van vandaag stap voor stap. Ik laat eerst zien hoe een expert het aanpakt, daarna doen we het samen, daarna kun jij het zelf.

    • Ik kan uitleggen wat het leeronderwerp van vandaag inhoudt
    • Ik kan de stappen in de goede volgorde uitvoeren
    • Ik kan mijn eigen antwoord controleren met het stappenplan

    Voor de docent: EDI begint altijd met het lesdoel én de route. Heldere doelen en succescriteria hebben volgens onderzoek (o.a. Hattie) een groot effect op leren. Benoem de vier stappen expliciet: ik doe het voor, wij doen het samen, jullie doen het samen, jij doet het zelf.

  2. 2. Open vraag: Wat weet je al?

    Schrijf op wat je al weet over het leeronderwerp van vandaag — ook als je denkt dat het weinig is.

    Voor de docent: Voorkennis activeren: nieuwe stof hecht alleen op bestaande kennis. Geef 2 minuten stiltetijd ('iedereen schrijft'), daarna twee of drie antwoorden horen.

  3. 3. Uitleg: Kijk mee: zo doe je het

    Ik laat hardop-denkend zien hoe je het leeronderwerp van vandaag aanpakt. Let op de stappen die ik hardop benoem.

    Voor de docent: Modeleren is het hart van EDI. Denk HARDOP: verwoord ook je twijfels en correcties. Wijs elke stap aan in het stappenplan dat zichtbaar blijft hangen.

  4. 4. Meerkeuzevraag: Samen oefenen

    Welke stap komt hier als eerste? Kies je antwoord en wees bereid je keuze uit te leggen.

    • Stap 1: het probleem lezen en markeren
    • Stap 2: meteen een antwoord opschrijven
    • Stap 3: controleren of het antwoord klopt
    • Stap 4: een voorbeeld verzinnen

    Voor de docent: Geleide oefening: gebruik cold call (naam ná de vraag) zodat iedereen meedenkt. Vraag door op de redenering, niet alleen het antwoord: 'Waarom niet B?' (Hulp: wie het fout heeft, schuift aan aan de instructietafel voor nog een voorbeeld. Verrijking: wie het goed heeft, bedenkt zelf een opgave met een valkuil.)

  5. 5. Open vraag: Jullie samen: oefen in tweetallen

    Los samen met je buur een opgave op. Om de beurt: één doet de stap hardop, de ander controleert met het stappenplan.

    Voor de docent: Jullie doen het samen: de brug tussen geleid en zelfstandig oefenen. Wissel per stap van rol (doen en controleren). Loop rond en luister naar de uitleg tussen leerlingen — die laat zien of de stappen echt begrepen zijn.

  6. 6. Open vraag: Nu jij: zelfstandig aan de slag

    Pas het stappenplan zelf toe op deze opdracht. Je werkt 8 minuten zelfstandig; het stappenplan blijft zichtbaar.

    Voor de docent: Zelfstandig oefenen mag pas als de geleide oefening >80% goed was — anders nog één ronde samen. Loop rond en geef feedback op het PROCES, niet alleen het antwoord.

  7. 7. Meerkeuzevraag: Eindcheck: beheers je het?

    Nog één opgave, helemaal alleen. Hiermee laat je zien dat je het lesdoel beheerst.

    • A
    • B
    • C
    • D

    Voor de docent: Pas de opties aan naar jouw stof. Sluit af met een terugblik op het lesdoel en de succescriteria. De eindcheck is je formatieve meting: wie het hier mist, krijgt morgen bij de start extra geleide oefening.

  8. 8. Open vraag: Terugblik op het lesdoel

    Kijk terug naar de succescriteria van vandaag. Welke beheers je al? En wat is je volgende stap?

    Voor de docent: EDI sluit af met een terugblik op het lesdoel. Laat twee of drie leerlingen hun volgende stap noemen en koppel die aan de eindcheck: wie die miste, begint morgen met extra geleide oefening.

Gebruik deze les gratis in denkprikkel — leerlingen doen mee met een lescode, zonder account.