Alle lessen

Een hete kaart is nog geen risicokaart

Voorbeeldles · Aardrijkskunde · 35 min · 8 dia's

Blootstelling, kwetsbaarheid en de gemeten temperatuurvariabele onderscheiden.

De dia's van deze les

  1. 1. Lesdoel en succescriteria: Een hete kaart is nog geen risicokaart

    Blootstelling, kwetsbaarheid en de gemeten temperatuurvariabele onderscheiden.

    • Ik kan blootstelling, kwetsbaarheid en de gemeten temperatuurvariabele onderscheiden.
    • Ik kan mijn antwoord met gegevens en een navolgbare redenering onderbouwen.
    • Ik kan een fout of aanname herkennen en mijn uitleg herzien.

    Voor de docent: Zelfgeschreven Nederlandstalig oefenmateriaal. Richtniveau en 35 minuten zijn didactische inschattingen, geen gevalideerde leerresultaten of curriculumcertificering. Bekijk inhoud en antwoordmodel voor je klas. De casussen en oefenmetingen zijn fictief of expliciete modellen. Maak een eigen lesvariant: Ontwerp een eigen, inhoudelijk andere bovenbouwles voor de aangegeven doelgroep bij Een hete kaart is nog geen risicokaart. Behoud het leerdoel, vermeld aannames en fictieve oefengegevens, reken het antwoordmodel onafhankelijk na en voeg steun, transfer en een meetbare eindcheck toe.

  2. 2. Uitleg: Onderzoekkaart

    Zelfgeschreven fictieve oefencasus of expliciet rekenmodel. Fictieve satellietkaart op één middag: industrieterrein X heeft oppervlaktetemperatuur 48 °C en woonwijk Y 39 °C. X heeft 100 aanwezigen, Y 3000 bewoners van wie 900 ouderen. De luchttemperatuur, binnentemperatuur, schaduw en gezondheidsgegevens zijn niet gemeten. De satelliet meet oppervlakken, niet rechtstreeks de temperatuur die iedere persoon ervaart.

    Voor de docent: Lees samen de casus. Laat leerlingen scheiden wat gegeven is en wat zij zelf aannemen. De onderzoekkaart wordt ook bij de opdrachten herhaald zodat leerlingen de gegevens kunnen teruglezen.

  3. 3. Meerkeuzevraag: Kies en controleer

    Welke conclusie is door de gegevens verantwoord? Gegevens bij deze opdracht Zelfgeschreven fictieve oefencasus of expliciet rekenmodel. Fictieve satellietkaart op één middag: industrieterrein X heeft oppervlaktetemperatuur 48 °C en woonwijk Y 39 °C. X heeft 100 aanwezigen, Y 3000 bewoners van wie 900 ouderen. De luchttemperatuur, binnentemperatuur, schaduw en gezondheidsgegevens zijn niet gemeten. De satelliet meet oppervlakken, niet rechtstreeks de temperatuur die iedere persoon ervaart.

    • X heeft zeker de meeste gezondheidsschade
    • Alle bewoners van Y ervaren 39 °C lucht
    • Y kan geen hittestress hebben
    • X heeft op dat meetmoment het warmste gemeten oppervlak

    Voor de docent: Oppervlaktetemperatuur is een concrete meetvariabele. Gezondheidsrisico vraagt ook blootstelling, kwetsbaarheid, duur en omstandigheden. Beoordeel formatief: klopt de inhoud binnen de gegeven casus, worden relevante gegevens gebruikt en is de redenering navolgbaar? Geef feedback op één volgende denkstap. Beloon geen snelheid. Bij meerdere verdedigbare antwoorden telt de onderbouwing; beoordeel geen persoonlijke mening. Vragen om door te vragen: welk gegeven steunt je antwoord? Wat zou je conclusie veranderen?

  4. 4. Open vraag: Waarom past jouw keuze?

    Onderbouw je keuze met minstens één gegeven. Leg ook uit waarom één andere keuze niet past. Gegevens bij deze opdracht Zelfgeschreven fictieve oefencasus of expliciet rekenmodel. Fictieve satellietkaart op één middag: industrieterrein X heeft oppervlaktetemperatuur 48 °C en woonwijk Y 39 °C. X heeft 100 aanwezigen, Y 3000 bewoners van wie 900 ouderen. De luchttemperatuur, binnentemperatuur, schaduw en gezondheidsgegevens zijn niet gemeten. De satelliet meet oppervlakken, niet rechtstreeks de temperatuur die iedere persoon ervaart.

    Voor de docent: Oppervlaktetemperatuur is een concrete meetvariabele. Gezondheidsrisico vraagt ook blootstelling, kwetsbaarheid, duur en omstandigheden. Beoordeel formatief: klopt de inhoud binnen de gegeven casus, worden relevante gegevens gebruikt en is de redenering navolgbaar? Geef feedback op één volgende denkstap. Beloon geen snelheid. Bij meerdere verdedigbare antwoorden telt de onderbouwing; beoordeel geen persoonlijke mening. Vragen om door te vragen: welk gegeven steunt je antwoord? Wat zou je conclusie veranderen?

  5. 5. Open vraag: Pas toe en onderbouw

    Welke gegevens zou je verzamelen voordat je verkoelingsmaatregelen prioriteert? Gegevens bij deze opdracht Zelfgeschreven fictieve oefencasus of expliciet rekenmodel. Fictieve satellietkaart op één middag: industrieterrein X heeft oppervlaktetemperatuur 48 °C en woonwijk Y 39 °C. X heeft 100 aanwezigen, Y 3000 bewoners van wie 900 ouderen. De luchttemperatuur, binnentemperatuur, schaduw en gezondheidsgegevens zijn niet gemeten. De satelliet meet oppervlakken, niet rechtstreeks de temperatuur die iedere persoon ervaart.

    Voor de docent: Onder meer lucht- en binnentemperaturen over meerdere momenten, blootstellingsduur, kwetsbare groepen, schaduw, toegankelijkheid van koele plekken en lokale gezondheidsinformatie zonder personen te identificeren. Beoordeel formatief: klopt de inhoud binnen de gegeven casus, worden relevante gegevens gebruikt en is de redenering navolgbaar? Geef feedback op één volgende denkstap. Beloon geen snelheid. Bij meerdere verdedigbare antwoorden telt de onderbouwing; beoordeel geen persoonlijke mening. Vragen om door te vragen: welk gegeven steunt je antwoord? Wat zou je conclusie veranderen?

  6. 6. Spot de denkfout: Onderzoek een fictieve AI-redenering

    Een fictieve AI kiest X voor alle hulp omdat 48 groter is dan 39. Wat laat hij weg? Gegevens bij deze opdracht Zelfgeschreven fictieve oefencasus of expliciet rekenmodel. Fictieve satellietkaart op één middag: industrieterrein X heeft oppervlaktetemperatuur 48 °C en woonwijk Y 39 °C. X heeft 100 aanwezigen, Y 3000 bewoners van wie 900 ouderen. De luchttemperatuur, binnentemperatuur, schaduw en gezondheidsgegevens zijn niet gemeten. De satelliet meet oppervlakken, niet rechtstreeks de temperatuur die iedere persoon ervaart.

    • Dat 48 groter is dan 39
    • De aanwezigheid van een satellietmeting
    • Dat temperaturen een eenheid hebben
    • Blootstelling, kwetsbaarheid en het onderscheid tussen oppervlak en lucht

    Voor de docent: De denkfout: De warmste meetplek hoeft niet de plek met de grootste gezondheidsbelasting te zijn. De kaart biedt één onderdeel van de afweging. De warmste meetplek hoeft niet de plek met de grootste gezondheidsbelasting te zijn. De kaart biedt één onderdeel van de afweging. Beoordeel formatief: klopt de inhoud binnen de gegeven casus, worden relevante gegevens gebruikt en is de redenering navolgbaar? Geef feedback op één volgende denkstap. Beloon geen snelheid. Bij meerdere verdedigbare antwoorden telt de onderbouwing; beoordeel geen persoonlijke mening. Vragen om door te vragen: welk gegeven steunt je antwoord? Wat zou je conclusie veranderen?

  7. 7. Open vraag: Denk verder: verander de situatie

    Een tweede kaart is in de vroege ochtend gemeten. Kun je een lager getal direct als beleidseffect zien? Gegevens bij deze opdracht Zelfgeschreven fictieve oefencasus of expliciet rekenmodel. Fictieve satellietkaart op één middag: industrieterrein X heeft oppervlaktetemperatuur 48 °C en woonwijk Y 39 °C. X heeft 100 aanwezigen, Y 3000 bewoners van wie 900 ouderen. De luchttemperatuur, binnentemperatuur, schaduw en gezondheidsgegevens zijn niet gemeten. De satelliet meet oppervlakken, niet rechtstreeks de temperatuur die iedere persoon ervaart.

    Voor de docent: Nee. Meetmoment, weer en meetmethode moeten vergelijkbaar zijn. Een verschil kan door andere omstandigheden komen, niet door een maatregel. Beoordeel formatief: klopt de inhoud binnen de gegeven casus, worden relevante gegevens gebruikt en is de redenering navolgbaar? Geef feedback op één volgende denkstap. Beloon geen snelheid. Bij meerdere verdedigbare antwoorden telt de onderbouwing; beoordeel geen persoonlijke mening. Vragen om door te vragen: welk gegeven steunt je antwoord? Wat zou je conclusie veranderen?

  8. 8. Open vraag: Terugblik: wat heb je herzien?

    Schrijf één inzicht op en onderbouw het met een voorbeeld uit de les. Welke aanname of fout kun je nu beter herkennen? Welke vraag heb je nog?

    Voor de docent: Zoek naar een vakspecifiek inzicht, een passend voorbeeld en een benoemde volgende vraag. Gebruik dit als exit ticket; zelfvertrouwen is geen vervanging voor inhoudelijk bewijs. Verder verdiepen voor de docent: https://www.knmi.nl/kennis-en-datacentrum

Gebruik deze les gratis in denkprikkel — leerlingen doen mee met een lescode, zonder account.